Een keer per week ga ik zwemmen. Ik deed vroeger aan wedstrijdzwemmen (lekker, doordeweeks om vijf uur op), en het zwemgevoel is de laatste tijd weer gaan kriebelen.
Nu is er bij mij in de buurt geen fatsoenlijk wedstrijdbad en moet ik genoegen nemen met drie smalle baantjes van vijftien meter (waarvan een er wordt gebruikt als 'babbelbaan'). Dat is jammer, want voordat ik het gevoel heb dat ik lekker bezig ben, kan ik al weer omkeren. Toch weerhoudt dit mij er niet van om elke week een uur erg mijn best te doen om ten minste veertig baantjes te zwemmen. Maar nu is het zo dat vlak voordat het bad wordt vrijgesteld voor baantjeszwemmers, er een cursus watergym wordt gegeven. Deze vrouwen moeten standaard nog een paar baantjes uitzwemmen. Baan 1 is de babbelbaan, 2 de slow-baan en 3 de speed-baan. Echter niemand geeft daar gehoor aan. Ik zwem altijd met mijn hippe (...) zilveren zwembrilletje op. Niet in de eerste plaats omdat het chloor hardnekkig is, maar ik loop ook de kans om een lens kwijt te raken. Ik moet toch zien waar ik zwem. Geregeld wordt ik afgesneden door iemand die zichzelf heeft wijsgemaakt dat zijn of (voornamelijk) haar zwemkwaliteiten tot zijn recht komen in de speed-baan. En ik wil niet zelfingenomen klinken, maar neem mij niet kwalijk als ik zeg dat deze mensen zichzelf redelijk overschatten. De laatste twee weken (daarvoor was het rustiger in verband met de zomervakantie) zwemmen we, ook in de speed-baan, netjes achter elkaar. Als een lopende band zwemmen we achter elkaar rondjes. Daartussen de vrouwen van de zwemgym. Je kunt je misschien voorstellen, dat dit voor mij erg frustrerend is, aangezien ik ook wel eens lekker hard wil. Tussen de banen door gaat niet, want vrouwen moeten kletsen en zwemmen naast elkaar. De badmeesters kwamen gisteren met iets nieuws: op de zwembadrand stond een bordje met: 'Hier niet babbelen, dames'. Zij hebben namelijk de neiging om aan het einde van elke baan te gaan kletsen. Ik ben gewend (dat is er vroeger ingeramd) om altijd mijn baantjes af te maken en af te tikken. Dat zit er nu dus niet in, want voor je het weet prik je in een kletsende vetrol. Aan het einde van de avond werd het rustiger. Moeders gingen naar huis, diehards bleven achter. Opeens was ik omringd door mannen van middelbare leeftijd die - eveneens met een stoer zwembrilletje op - hun kans pakte om lekker door te zwemmen. Maar plotseling viel het me op: ik was inmiddels wel de sloomste.
woensdag 9 september 2009
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)

Geen opmerkingen:
Een reactie posten